Teerling

Mailinglijst:waterrat@euros.nl
Fotoboek:Teerling-album
TypeWaterrat
Lengte over alles5,4 m
Lengte waterlijn5,51 m
Breedte2,1 m
Diepgang0,90 m
Zeiloppervlakte aan de wind17,65 m²
Zeiloppervlakte ruime wind30 m²
Aantal slaapplaatsen4
LigplaatsEnschede
Bouwjaar2003
VaargebiedFriesland, IJsselmeer, Wad
Spinnaker22 m²
Gewicht650 kg

Teerling

Op deze pagina kun je een beschrijving vinden van de eerste Waterrat genaamd Teerling. Haar naam is afgeleid van Julius Ceasars 'Alea iacta est' ("De teerling is geworpen"). Deze uitspraak deed hij nadat hij met zijn leger de Rubicon overstak. Deze oversteek werd door Pompeius gezien als een aanval op Rome. Met deze uitspraak gaf Caesar aan dat hij zich bewust was van het risico dat hij liep, maar dat hij zou doorzetten.

Het ontwerp Waterrat is voor Euros erg revolutionair. Het is de eerste zelf gebouwde boot die niet gemaakt is met de insteling 'dikker en zwaarder is beter'. Ze is daardoor erg teer geworden, wat een zeker risico is binnen de vereniging. Maar ook haar ontwerp is (voor Euros begrippen) revolutionair.

Als ze naast de andere Eurosbootjes ligt valt onmiddellijk haar rompvorm op: ze oogt moderner, is iets breder, kortom ze ziet er uit alsof ze kan planeren. De kajuitopbouw is hoger dan bij de Draijers. Via deksels in het gangboord is bergruimte bereikbaar, de bakskisten. Daar kunnen de stootwillen en landvasten in opgeborgen worden. Helaas kon de bakskistopening niet breder worden dan 14 cm, zodat de Waterratten uitgerust zouden moeten worden met stootwillen met een diameter van maximaal 14 cm. Onder het voordek is ook een bergruimte. Daar ligt normaal gesproken het anker en deze ruimte noemen we dan ook de ankerbak. Verder is in de ankerbak ruimte om de zeilen op te bergen. Natte zeilen hoeven dus niet naar binnen! Via het voorste luik op het voordek wordt deze ruimte toegankelijk. Achter het ankerbakluik komt een lichtluik dat ook open kan in verband met ventilatie.

De vallier zit in tegenstelling tot de andere Euros boten aan bakboord. De reden hiervoor is dat we wilden dat de grootzeilval, die wel volgens de Euros-standaard aan stuurboord gepland was, met de hand op spanning gebracht zou kunnen worden. Maar de leuvers aan het grootzeil bevielen ons niet en nu gebruiken we het lijketouw. Deze is helaas niet met de hand op spanning te brengen, en dus zit nu ook de grootzeilval aan bakboord.

Van binnen zijn er twee hondekooien en twee kooien in de voorpunt. Alle vier de kooien zijn 2,20 meter lang. Verder is er een kookkist, waar een cardanisch opgehangen sprirituskookstel in hangt en de pannen in opgeborgen worden. Het deksel voorkomt dat de hele boot doordrenkt wordt met de spirituslucht. En met een beetje passen en meten, is hij zelfs buiten te gebruiken. Wat verder nog opvalt binnen is de maststeun, binnen Euros beter bekend als de anticonceptiepaal.

De boeggolf
Een kort verhaal uit het logboek van Teerling

" Het begon als een windstille dag vlak buiten de haven van Ameland. De vorige dag ging de wind al uit, en zouden we met windkracht 1 tegen de stroom de haven in moeten kruisen. Maar daar hadden we geen zin in en wat hadden we eigenlijk in die haven te zoeken? Nee, we vonden het tijd om er een anker in te gooien, eten te maken en te gaan slapen.

De volgende ochtend werden Paul en ik abrupt wakker gemaakt. De boot schokte. Ik weet niet meer wie het eerst buiten was om te kijken wat er aan de hand was. De kiel raakte de grond terwijl we voor anker lagen. De plaat was vlakbij. De stroom had onze boot aan de ankerlijn dichter bij de plaat neergelegd dan we verwachtten. Gelukkig bleef er 80 cm water staan, dus droogvallen met Teerling gebeurde niet. We hebben ongeveer een uurtje aan de grond gelegen: een mooi moment voor ontbijt.

Toen we weer konden varen was de stroom gekenterd en hadden we hem mee richting Harlingen. Ondanks dat het nauwelijks waaide, zijn we toch ankerop gegaan. Na ongeveer een half uurtje varen kwam er een beetje wind, en werd het leuk om met de zeilen te spelen. De spie ging erop. De genua lieten we staan; we waren nog steeds een beetje lui vanwege de abrupte onderbreking van onze slaap. En de aangename zon maakte ons al niet actiever.

In het Borndiep moesten we gijpen om de Kromme Balg te kunnen bezeilen. Om de spiboom vlot over te kunnen zetten was het handig om de genua te strijken. Zo gezegd, zo gegijpt. Ook zonder genua bleven we een aardig gangetje houden: het was steeds harder gaan waaien. Inmiddels stond er een 3 beaufort. Ik hing mijn wegwerpcamera overboord en maakte een aantal mooie foto's. van onze boeggolven. We spieden heerlijk richting het wantij in het Vingegat. Er kwamen steeds meer lekkere vlagen. Paul stuurde behendig en al surfend over de golven kwam het wantij dichterbij. Tot die ene vlaag.

Een golf gaf ons de juiste zet tegen de spiegel en ademloos geconcentreerd vingen we de vlaag op in de zeilen. We schoven al spetterend over het golflandschap heen. Tot de vlaag voorbij was. We keken elkaar aan en zeiden: Wow! Onze boot kan echt planeren!"

 

Siebe Berveling