Veel gebruikte verven en lakken: verschil tussen versies

Uit EurosWiki
k
Regel 87: Regel 87:
 
|}
 
|}
  
=Aanmaken en verwerken=
+
=Voorbereiding en verwerking=
Eigenlijk altijd geldt: Werk eventuele barsten en deuken bij met plamuur, schuur het werkstuk licht op, en ontvet het goed met aceton. Plak eventuele randen af met afplaktape, en probeer een plek te vinden waar je het oppervlak dat straks geschilderd kan worden horizontaal kan liggen. Hiermee voorkom je druipers. Zorg verder voor goede verlichting op de plek waar je gaat schilderen, zodat je goed kan zien waar je nog niet geweest bent. Op plekken waar kleur niet belangrijk is (onder de waterlijn bijvoorbeeld) kan je hiervoor bij verschillende lagen verschillende kleuren gebruiken.
+
Eigenlijk altijd geldt: Verwijder loszittende schilfers verf, werk eventuele barsten en deuken bij met plamuur, schuur het werkstuk licht op, en ontvet het goed met aceton. Houdt er rekening mee dat het werkstuk straks dikker wordt als er verf/lak op zit. Plak eventuele randen af met afplaktape, en probeer een plek te vinden waar je het oppervlak dat straks geschilderd kan worden horizontaal kan liggen. Hiermee voorkom je druipers. Zorg verder voor goede verlichting op de plek waar je gaat schilderen, zodat je goed kan zien waar je nog niet geweest bent. Op plekken waar kleur niet belangrijk is (onder de waterlijn bijvoorbeeld) kan je hiervoor bij verschillende lagen verschillende kleuren gebruiken.
  
 
Haal je kwast voor gebruik een paar maal langs een schuurpapiertje om alle losse haren er zoveel mogelijk uit te halen. Het zal waarschijnlijk nog steeds af en toe nodig zijn om een haar van je werkstuk te vissen, maar zo zijn het er in elk geval minder. Dikke lagen schieten sneller op, maar vloeien ook minder uit zodat het eindresultaat minder strak is. Voor een optimaal resultaat kan je het beste een beetje verdunner gebruiken en de verf/lak goed dun uitsmeren om druipers te voorkomen. Kwastaanzetten verdwijnen vanzelf als de lak uitvloeit na verloop van  tijd. Geschilderde delen na enkele minuten niet meer aanraken. De verf is dan al dikker geworden en je kwastafdruk zal niet meer uitvloeien en dus zichtbaar blijven. Zorg dus dat het meteen goed is, en controleer meteen aan alle randen voor druipers. Strijk met je kwast altijd van binnen naar buiten over de randen, anders druk je een hoop verf uit je kwast en druipt het allemaal naar beneden.
 
Haal je kwast voor gebruik een paar maal langs een schuurpapiertje om alle losse haren er zoveel mogelijk uit te halen. Het zal waarschijnlijk nog steeds af en toe nodig zijn om een haar van je werkstuk te vissen, maar zo zijn het er in elk geval minder. Dikke lagen schieten sneller op, maar vloeien ook minder uit zodat het eindresultaat minder strak is. Voor een optimaal resultaat kan je het beste een beetje verdunner gebruiken en de verf/lak goed dun uitsmeren om druipers te voorkomen. Kwastaanzetten verdwijnen vanzelf als de lak uitvloeit na verloop van  tijd. Geschilderde delen na enkele minuten niet meer aanraken. De verf is dan al dikker geworden en je kwastafdruk zal niet meer uitvloeien en dus zichtbaar blijven. Zorg dus dat het meteen goed is, en controleer meteen aan alle randen voor druipers. Strijk met je kwast altijd van binnen naar buiten over de randen, anders druk je een hoop verf uit je kwast en druipt het allemaal naar beneden.
Regel 94: Regel 94:
 
Grote oppervlakken kunnen ook met de roller gedaan worden. Lakrollers (schuim) leveren hierbij het beste resultaat, maar lossen helaas op in Pantsercoat (mogelijk ook in DD?). Voor pantsercoat zijn daarom tweecomponentrollers (harig) noodzakelijk. Dit levert een vrij ruw oppervlak op (zie de rompen van de waterratten onder de waterlijn). Verdunnen helpt hierbij ook de verf om weer uit te vloeien en levert een minder ruw oppervlak op. Ook hier geldt weer: dun uitsmeren om druipers te voorkomen. Gebruik bij rollers een rollerbak.
 
Grote oppervlakken kunnen ook met de roller gedaan worden. Lakrollers (schuim) leveren hierbij het beste resultaat, maar lossen helaas op in Pantsercoat (mogelijk ook in DD?). Voor pantsercoat zijn daarom tweecomponentrollers (harig) noodzakelijk. Dit levert een vrij ruw oppervlak op (zie de rompen van de waterratten onder de waterlijn). Verdunnen helpt hierbij ook de verf om weer uit te vloeien en levert een minder ruw oppervlak op. Ook hier geldt weer: dun uitsmeren om druipers te voorkomen. Gebruik bij rollers een rollerbak.
  
 +
De precieze verwerking hangt enigszins af van de huidige staat van het werkstuk. Als het werkstuk behandeld is met eencomponent verf/lak, moet deze er eerst afgehaald worden. Tweecomponentenlak is aggressiever dan eencomponent, en kan oude lagen eencomponent aantasten. Daarnaast zal aanbrengen van de tweecomponentenlak direct op het kale materiaal een betere hechting geven. Oude verflagen zijn vaak vrij makkelijk te verwijderen met een verffohn en een krabber. Ook bij Pantsercoat is het beter om dit direct op kaal hout/laminaat of over een epoxylaag aan te brengen. Dit geeft de beste hechting, zelfs als er al tweecomponent lak (DD/Redox) op het werkstuk zit, omdat pantsercoat beter hecht dan de lak. Dit is echter niet noodzakelijk, en kan eventueel achterwege gelaten worden als er nog een goede tweecomponenten laklaag op het werkstuk zit. Het eindresultaat is dan wel minder sterk.
 +
De andere mogelijkheden staan hieronder beschreven:
 +
 +
===Onbehandeld hout of laminaat===
 +
Bij toepassingen onder de waterlijn of bij houtwerk boven de waterlijn dat vaak beschadigd zoals de wrikriem en de helmstok, kan er als eerste laag een laag [[Gebruik van Epoxy|Injecteer Epoxy]] aangebracht worden. Voor werkstukken die zich binnen bevinden is dit niet nodig. Er kan dan een eerste laag lak aangebracht worden redelijk verdund met kwastverdunner zodat de lak goed in het hout trekt. (Kijk voor de hoeveelheid kwastverdunner bij de uitleg over het aanmaken)
 +
Na de eerste laag dienen houten werkstukken licht opgeschuurd te worden met P220 om de houtvezeltjes die omhoog zijn gaan staan te verwijderen. Let hierbij op dat er geen kale plekken in de eerste laag ontstaan. Ontvet het werkstuk weer en breng een tweede laag aan, ditmaal met slechts genoeg kwastverdunner om de lak goed uit te laten vloeien.
 +
Hierna houten werkstukken weer licht opschuren om weer een glad werkstuk te krijgen en opnieuw ontvetten met Aceton. Tijd voor de derde laag op dezelfde manier als de tweede laag.
 +
Bekijk het resultaat; is de structuur/het relief van het hout nog te zien in de laag lak? Dan is er nog een extra laag nodig. Dat is zowiezo aan te raden voor werkstukken die buiten dienst doen. Als er niet geschuurd hoeft te worden voor houtvezeltjes (bij laminaat, of houtwerk met een paar lagen lak) kan de volgende laag direct over de huidge laag aangebracht worden. Voorwaarde hiervoor is wel dat het snel genoeg na de vorige laag wordt aangebracht, zie hiervoor de gegevens van de lak/verf. Anders moet er weer geschuurd worden en afgenomen met aceton.
 +
 +
===Hout dat al behandeld is met een tweecomponenten product (Epoxy, oude lagen DD/Redox/Pantsercoat)===
 +
Als er kale plekken/beschadigingen in het werkstuk zitten behandel deze dan eerst zoals hieronder. Lak het hele werkstuk daarna af met een tot drie lagen afhankelijk van de staat van de vorige lagen, en het gewenste eindresultaat. Als er de lagen voldoende snel aangebracht worden (zie gegevens van de lak/verf) is schuren niet nodig, anders opnieuw opschuren met P220 en afnemen met Aceton.
 +
 +
===Bijwerken van beschadigingen===
 +
Als er beschadigingen in de verflaag van het werkstuk zitten, maar de omliggende verf is nog in orde, dan kan volstaan worden met het bijwerken van de beschadigingen. Controleer eerst waardoor de beschadigingen ontstaan, en of dit niet te voorkomen is. Controleer ook of het werkstuk wel goed past, ook als het straks dikker wordt door de verflaag. Schaaf of schuur indien nodig een stukje van het werkstuk af.
 +
Voor de bescherming van het plankje is het niet nodig om het hele werkstuk nog een keer te lakken nadat de beschadigingen bijgewerkt zijn. Als het echter belangrijk is dat het werkstuk mooi afgewerkt is, kan er na het bijwerken van de plekjes nog een laag over het gehele werkstuk aangebracht worden. Bedenk dan wel dat dit ook netjes gedaan moet worden voor een mooi eindresultaat: dus geen druipers, ongeverfde plekken of kwastharen!
 +
Bedenk je verder dat DD lak vrij dun is, en dat je dus niet moet proberen om deuken en krassen op te gaan vullen ermee. Dit leidt alleen maar tot teveel aanbrengen en daardoor druipers. Opvullen moet gebeuren met plamuur, en bij toepassingen die erg nat worden het liefst plamuur op epoxybasis, zoals epoxy met glassbubbles en/of aerosil (dus geen Polysoft).
 +
Als er een kale plek is ontstaan onder de waterlijn, of op werkstukken buiten die snel beschadigen, behandel deze dan eerst met [[Gebruik van Epoxy|Injecteer Epoxy]]. Voor overige werkstukken, breng een laag redelijk verdunde verf aan. (kijk voor de hoeveelheid kwastverdunner bij de uitleg over het aanmaken) Schuur hout na de eerste laag op met P220. Breng hierna  nog 1-3 lagen normaal verdunde lak aan, afhankelijk van de grootte van de plekjes en het gewenste eindresultaat. Als er niet geschuurd hoeft te worden voor houtvezeltjes (bij laminaat, of houtwerk met een paar lagen lak) kan de volgende laag direct over de huidge laag aangebracht worden. Voorwaarde hiervoor is wel dat het snel genoeg na de vorige laag wordt aangebracht, zie hiervoor de gegevens van de lak/verf. Anders moet er weer geschuurd worden en afgenomen met aceton.
 +
 +
=Aanmaken=
 
===DD lak en Redox===
 
===DD lak en Redox===
  
Regel 101: Regel 120:
 
Antislip kan op verschillende manieren verkregen worden. Er zijn speciale antislip-poeders te koop die door de laatste laklaag gemengd kunnen worden bij het aanmaken of er kan (zilver) zand gestrooid worden in de laatste laag als deze aan het opdrogen is. Ook kan er een mengsel gemaakt worden van epoxy en suiker dat in strepen op een oppervlak aan te brengen is (voorbeeld: rioolplank Lichtekooi). Daarnaast gebruiken we speciale antislipverf van Sikkens. De speciale antislipproducten zijn vaak wat gladder en slijten sneller dan de huismiddeltjes zoals zand en suikerepoxy, maar ze zijn daarmee wel een stuk relaxter voor je zeilpak. Oppervlakken waar veel op gezeten wordt, kunnen daar dus beter niet mee behandeld worden.
 
Antislip kan op verschillende manieren verkregen worden. Er zijn speciale antislip-poeders te koop die door de laatste laklaag gemengd kunnen worden bij het aanmaken of er kan (zilver) zand gestrooid worden in de laatste laag als deze aan het opdrogen is. Ook kan er een mengsel gemaakt worden van epoxy en suiker dat in strepen op een oppervlak aan te brengen is (voorbeeld: rioolplank Lichtekooi). Daarnaast gebruiken we speciale antislipverf van Sikkens. De speciale antislipproducten zijn vaak wat gladder en slijten sneller dan de huismiddeltjes zoals zand en suikerepoxy, maar ze zijn daarmee wel een stuk relaxter voor je zeilpak. Oppervlakken waar veel op gezeten wordt, kunnen daar dus beter niet mee behandeld worden.
 
De antislipverf aanbrengen is zeer eenvoudig. Maak het blik open, en breng de verf met een kwast aan op het gewenste oppervlak. Een laag is voldoende op een oppervlak dat al in de antislipverf staat. Op oppervlakken zonder antislip zijn 2-3 lagen gewenst. Antislipverf is poreus, en bied dus geen bescherming tegen vocht. Breng het dus alleen aan op oppervlakken die al behandeld zijn.
 
De antislipverf aanbrengen is zeer eenvoudig. Maak het blik open, en breng de verf met een kwast aan op het gewenste oppervlak. Een laag is voldoende op een oppervlak dat al in de antislipverf staat. Op oppervlakken zonder antislip zijn 2-3 lagen gewenst. Antislipverf is poreus, en bied dus geen bescherming tegen vocht. Breng het dus alleen aan op oppervlakken die al behandeld zijn.
 +
 +
=Gegevens van de verf/lak=
 +
 +
===DD lak===
 +
Mengverhouding (gewicht): 100:50
 +
Voorreageertijd: 30 minuten
 +
Verwerkingstijd: 3-4 uur
 +
Verwerkingstemperatuur: 15-? C
 +
Verbruik per laag: 100-150mL/m2
 +
Verdunning met DD kwastverdunner (kwast/roller): 0-5%
 +
Verdunning met DD spuitverdunner (spuit): ?%
 +
===Redox===
 +
 +
===Pantsercoat===
 +
Mengverhouding (gewicht): 100:20
 +
Verwerkingstijd: ca. 5 uur
 +
Verwerkingstemperatuur: 5-? C
 +
Verbruik per laag: 125mL/m2
 +
Verdunning met Poly-Pox verdunner (kwast/roller): 0-5%
 +
Verdunning met Poly-Pox verdunner (spuit): 10-15%
 +
 +
===Sikkens antislipverf===
  
 
[[Categorie:Kluswiki]]
 
[[Categorie:Kluswiki]]

Versie van 5 jan 2008 21:38

In de loods worden verschillende lakken en verven gebruikt. De meest gebruikte lakken (DD en Redox) zijn op polyurethaan basis. Daarnaast wordt nog veel Pantsercoat, op epoxybasis, gebruikt. Deze zijn van verschillende fabrikanten/winkels: DD en Pantsercoat zijn van de Polyservice en Redox is van Sikkens. Ze bestaan allemaal uit twee componenten, en kunnen dus niet over eencomponentverfen/lakken geschilderd worden.

Eigenschappen

De lakken en de pantsercoat hebben verschillende eigenschappen, die ze geschikt maken voor een specifiek doel:

Polyurethaanlak heeft een redelijk hoge kras- en slagbestendigheid, is UV bestendig en geeft indien goed verwerkt een zeer strak en glanzend eindresultaat (zie de romp van Jaffa). De lak is echter vrij duur (DD is €37 per kilo), zeker in vergelijking met kwalitatief mindere eencomponent lakken. Het is verkrijgbaar in verschillende kleuren (Redox in meer kleuren dan DD) Ook heeft niet een heel goede hechting (met name op hout). Dit uit zich als er deuken in het hout ontstaan. Hierbij raakt de lak los van het hout en ontstaan er luchtbellen. Dit is goed te zien op het dek en de stootlijst van Jonkie. Deze plekken moeten voorzichtig weggeschuurd worden om te voorkomen dat de lak om de luchtbel ook loslaat van het hout, waarbij grote kale plekken kunnen ontstaan. Daarnaast is het moeilijk om beschadigde plekjes netjes te repareren doordat er vaak schilfers afspringen bij beschadigingen, met name op verticale oppervlakken zoals rompen. Gelcoat is wat zachter en heeft daardoor wat glooiender beschadigingen die makkelijker weggewerkt kunnen worden. Daarnaast zijn Gelcoatlagen dikker en kunnen de bijgewerkte plekken dus beter bijgeschuurd worden zonder dat de onderliggende laag blootgelegd wordt. Daarom is het wenselijk de gelcoatlagen op de boten (Teerling, Raaskal en lasers) zoveel mogelijk te behouden. Hoewel het goed mogelijk is om een strak eindresultaat te krijgen met deze lak, is het erg gevoelig voor een nette verwerking. Dit is ook goed te zien. Het strakst gelakte onderdeel van de vereniging is de romp van Jaffa, en die is niet door ons gelakt, maar vermoedelijk door een professioneel bedrijf gespoten. Bij andere onderdelen (met name plankjes) is te zien wat er zoal mis kan gaan met het aanbrengen: druipers en slecht geschilderde plekken zijn daar helaas niet erg zeldzaam. Polyurethaanlak wordt op heel veel plekken gebruikt, maar met name op plekken waar een strak resultaat belangrijk is zoals dek, romp en interieur.

Pantsercoat heeft een zeer hoge kras- en slag bestendigheid, een zeer sterke hechting aan de ondergrond en is bij gebruik van meerdere lagen dampdicht voor preventie van osmose onder de waterlijn. Het is goedkoper dan DD (€29 per kilo), maar slechts leverbaar in 3 kleuren: zwart, wit en grijs. Het is redelijk UV bestendig: de grijze wordt al jaren zonder problemen gebruikt in de kuipen van de E22's, maar de witte kleurt geel. Verder is het eindresultaat aanmerkelijk minder mooi dan van DD. Het is dikker, waardoor het moeilijk strak te krijgen is, en het oppervlak blijft dof. Deze combinatie van eigenschappen maakt het erg onderhoudsarm en dus geschikt voor plekken die veel slijtage ondervinden, waar vaak water staat en die niet erg in het zicht zitten of slecht bereikbaar zijn. Hierbij kan gedacht worden aan bilges, bodems van vakken, kuipvloeren, kielen, roeren. (Een hoop van deze plekken zitten op dit moment nog in de DD)

Waar zit wat?

De lakken en pantsercoat worden op verschillende plekken gebruikt. Hieronder een overzicht van wat waar wordt gebruikt en in welke kleur. Let op, onder de waterlijn wordt de laag onder de antifouling bedoeld.

type Boot Onderdeel Product Kleur/kleurcode
Raaskal interieur (gebroken wit) Redox gebroken wit/GO 0386
Raaskal interieur (wit) gelcoat wit/DC800
Raaskal wasbord DD lak wit/DC800
Raaskal wrikriem/helmstok DD lak blank
Raaskal vloerplankjes DD lak blank
Raaskal roer (onder en boven waterlijn) Pantsercoat grijs
Raaskal romp Gelcoat Meloengeel/Ral 1028
Raaskal romp/kiel (onder waterlijn) Pantsercoat grijs
Teerling romp (krassen bijwerken) Redox ?
Teerling romp/kiel (onder waterlijn) Pantsercoat ?
Teerling interieur (gebroken wit) Redox gebroken wit/GO0386
Teerling interieur (wit) gelcoat wit/DC800
Teerling wasbord DD lak? wit/DC800?
Teerling wrikriem/helmstok DD lak blank
Teerling vloerplankjes DD lak blank
Teerling kookkist Redox? gebroken wit/GO 0386?
Teerling roer (boven waterlijn) DD lak? wit/DC800?
Teerling roer (onder waterlijn) pantsercoat?
Lichtekooi romp/roer (boven waterlijn) DD lak middenblauw/52
Lichtekooi romp/roer/kiel (onder waterlijn) VC tar?/Pantsercoat (gewoon pantsercoat gebruiken)
Lichtekooi dek DD lak wit/DC800
Lichtekooi interieur/wasbord DD lak wit/DC800
Lichtekooi rioolplank/dieptemeterplank/motorhokplank/essen lijsten DD lak blank
Lichtekooi helmstok/wrikriem/reddingsvlotplank DD lak blank
Lichtekooi blikkenvak/kuipvloer Pantsercoat grijs
Jonkie Romp (boven waterlijn) DD lak Roomwit
Jonkie Romp (onder waterlijn) DD lak (gewoon pantsercoat gebruiken) Roomwit (Witte pantsercoat)
Jonkie Kiel en roer Pantsercoat Grijs(?)
Jonkie Dek, stootlijst, opbouw en wasbord DD lak Blank en roomwit
Jonkie Vakken DD lak Wit
Jonkie Interieur DD lak Blank en wit/roomwit?
Jonkie Wrikriem, spiboom, motorplankje, roer en helmstok DD lak Blank
Jonkie Dektentvak Pantsercoat Grijs

Voorbereiding en verwerking

Eigenlijk altijd geldt: Verwijder loszittende schilfers verf, werk eventuele barsten en deuken bij met plamuur, schuur het werkstuk licht op, en ontvet het goed met aceton. Houdt er rekening mee dat het werkstuk straks dikker wordt als er verf/lak op zit. Plak eventuele randen af met afplaktape, en probeer een plek te vinden waar je het oppervlak dat straks geschilderd kan worden horizontaal kan liggen. Hiermee voorkom je druipers. Zorg verder voor goede verlichting op de plek waar je gaat schilderen, zodat je goed kan zien waar je nog niet geweest bent. Op plekken waar kleur niet belangrijk is (onder de waterlijn bijvoorbeeld) kan je hiervoor bij verschillende lagen verschillende kleuren gebruiken.

Haal je kwast voor gebruik een paar maal langs een schuurpapiertje om alle losse haren er zoveel mogelijk uit te halen. Het zal waarschijnlijk nog steeds af en toe nodig zijn om een haar van je werkstuk te vissen, maar zo zijn het er in elk geval minder. Dikke lagen schieten sneller op, maar vloeien ook minder uit zodat het eindresultaat minder strak is. Voor een optimaal resultaat kan je het beste een beetje verdunner gebruiken en de verf/lak goed dun uitsmeren om druipers te voorkomen. Kwastaanzetten verdwijnen vanzelf als de lak uitvloeit na verloop van tijd. Geschilderde delen na enkele minuten niet meer aanraken. De verf is dan al dikker geworden en je kwastafdruk zal niet meer uitvloeien en dus zichtbaar blijven. Zorg dus dat het meteen goed is, en controleer meteen aan alle randen voor druipers. Strijk met je kwast altijd van binnen naar buiten over de randen, anders druk je een hoop verf uit je kwast en druipt het allemaal naar beneden.

Grote oppervlakken kunnen ook met de roller gedaan worden. Lakrollers (schuim) leveren hierbij het beste resultaat, maar lossen helaas op in Pantsercoat (mogelijk ook in DD?). Voor pantsercoat zijn daarom tweecomponentrollers (harig) noodzakelijk. Dit levert een vrij ruw oppervlak op (zie de rompen van de waterratten onder de waterlijn). Verdunnen helpt hierbij ook de verf om weer uit te vloeien en levert een minder ruw oppervlak op. Ook hier geldt weer: dun uitsmeren om druipers te voorkomen. Gebruik bij rollers een rollerbak.

De precieze verwerking hangt enigszins af van de huidige staat van het werkstuk. Als het werkstuk behandeld is met eencomponent verf/lak, moet deze er eerst afgehaald worden. Tweecomponentenlak is aggressiever dan eencomponent, en kan oude lagen eencomponent aantasten. Daarnaast zal aanbrengen van de tweecomponentenlak direct op het kale materiaal een betere hechting geven. Oude verflagen zijn vaak vrij makkelijk te verwijderen met een verffohn en een krabber. Ook bij Pantsercoat is het beter om dit direct op kaal hout/laminaat of over een epoxylaag aan te brengen. Dit geeft de beste hechting, zelfs als er al tweecomponent lak (DD/Redox) op het werkstuk zit, omdat pantsercoat beter hecht dan de lak. Dit is echter niet noodzakelijk, en kan eventueel achterwege gelaten worden als er nog een goede tweecomponenten laklaag op het werkstuk zit. Het eindresultaat is dan wel minder sterk. De andere mogelijkheden staan hieronder beschreven:

Onbehandeld hout of laminaat

Bij toepassingen onder de waterlijn of bij houtwerk boven de waterlijn dat vaak beschadigd zoals de wrikriem en de helmstok, kan er als eerste laag een laag Injecteer Epoxy aangebracht worden. Voor werkstukken die zich binnen bevinden is dit niet nodig. Er kan dan een eerste laag lak aangebracht worden redelijk verdund met kwastverdunner zodat de lak goed in het hout trekt. (Kijk voor de hoeveelheid kwastverdunner bij de uitleg over het aanmaken) Na de eerste laag dienen houten werkstukken licht opgeschuurd te worden met P220 om de houtvezeltjes die omhoog zijn gaan staan te verwijderen. Let hierbij op dat er geen kale plekken in de eerste laag ontstaan. Ontvet het werkstuk weer en breng een tweede laag aan, ditmaal met slechts genoeg kwastverdunner om de lak goed uit te laten vloeien. Hierna houten werkstukken weer licht opschuren om weer een glad werkstuk te krijgen en opnieuw ontvetten met Aceton. Tijd voor de derde laag op dezelfde manier als de tweede laag. Bekijk het resultaat; is de structuur/het relief van het hout nog te zien in de laag lak? Dan is er nog een extra laag nodig. Dat is zowiezo aan te raden voor werkstukken die buiten dienst doen. Als er niet geschuurd hoeft te worden voor houtvezeltjes (bij laminaat, of houtwerk met een paar lagen lak) kan de volgende laag direct over de huidge laag aangebracht worden. Voorwaarde hiervoor is wel dat het snel genoeg na de vorige laag wordt aangebracht, zie hiervoor de gegevens van de lak/verf. Anders moet er weer geschuurd worden en afgenomen met aceton.

Hout dat al behandeld is met een tweecomponenten product (Epoxy, oude lagen DD/Redox/Pantsercoat)

Als er kale plekken/beschadigingen in het werkstuk zitten behandel deze dan eerst zoals hieronder. Lak het hele werkstuk daarna af met een tot drie lagen afhankelijk van de staat van de vorige lagen, en het gewenste eindresultaat. Als er de lagen voldoende snel aangebracht worden (zie gegevens van de lak/verf) is schuren niet nodig, anders opnieuw opschuren met P220 en afnemen met Aceton.

Bijwerken van beschadigingen

Als er beschadigingen in de verflaag van het werkstuk zitten, maar de omliggende verf is nog in orde, dan kan volstaan worden met het bijwerken van de beschadigingen. Controleer eerst waardoor de beschadigingen ontstaan, en of dit niet te voorkomen is. Controleer ook of het werkstuk wel goed past, ook als het straks dikker wordt door de verflaag. Schaaf of schuur indien nodig een stukje van het werkstuk af. Voor de bescherming van het plankje is het niet nodig om het hele werkstuk nog een keer te lakken nadat de beschadigingen bijgewerkt zijn. Als het echter belangrijk is dat het werkstuk mooi afgewerkt is, kan er na het bijwerken van de plekjes nog een laag over het gehele werkstuk aangebracht worden. Bedenk dan wel dat dit ook netjes gedaan moet worden voor een mooi eindresultaat: dus geen druipers, ongeverfde plekken of kwastharen! Bedenk je verder dat DD lak vrij dun is, en dat je dus niet moet proberen om deuken en krassen op te gaan vullen ermee. Dit leidt alleen maar tot teveel aanbrengen en daardoor druipers. Opvullen moet gebeuren met plamuur, en bij toepassingen die erg nat worden het liefst plamuur op epoxybasis, zoals epoxy met glassbubbles en/of aerosil (dus geen Polysoft). Als er een kale plek is ontstaan onder de waterlijn, of op werkstukken buiten die snel beschadigen, behandel deze dan eerst met Injecteer Epoxy. Voor overige werkstukken, breng een laag redelijk verdunde verf aan. (kijk voor de hoeveelheid kwastverdunner bij de uitleg over het aanmaken) Schuur hout na de eerste laag op met P220. Breng hierna nog 1-3 lagen normaal verdunde lak aan, afhankelijk van de grootte van de plekjes en het gewenste eindresultaat. Als er niet geschuurd hoeft te worden voor houtvezeltjes (bij laminaat, of houtwerk met een paar lagen lak) kan de volgende laag direct over de huidge laag aangebracht worden. Voorwaarde hiervoor is wel dat het snel genoeg na de vorige laag wordt aangebracht, zie hiervoor de gegevens van de lak/verf. Anders moet er weer geschuurd worden en afgenomen met aceton.

Aanmaken

DD lak en Redox

Pantsercoat

Antislip

Antislip kan op verschillende manieren verkregen worden. Er zijn speciale antislip-poeders te koop die door de laatste laklaag gemengd kunnen worden bij het aanmaken of er kan (zilver) zand gestrooid worden in de laatste laag als deze aan het opdrogen is. Ook kan er een mengsel gemaakt worden van epoxy en suiker dat in strepen op een oppervlak aan te brengen is (voorbeeld: rioolplank Lichtekooi). Daarnaast gebruiken we speciale antislipverf van Sikkens. De speciale antislipproducten zijn vaak wat gladder en slijten sneller dan de huismiddeltjes zoals zand en suikerepoxy, maar ze zijn daarmee wel een stuk relaxter voor je zeilpak. Oppervlakken waar veel op gezeten wordt, kunnen daar dus beter niet mee behandeld worden. De antislipverf aanbrengen is zeer eenvoudig. Maak het blik open, en breng de verf met een kwast aan op het gewenste oppervlak. Een laag is voldoende op een oppervlak dat al in de antislipverf staat. Op oppervlakken zonder antislip zijn 2-3 lagen gewenst. Antislipverf is poreus, en bied dus geen bescherming tegen vocht. Breng het dus alleen aan op oppervlakken die al behandeld zijn.

Gegevens van de verf/lak

DD lak

Mengverhouding (gewicht): 100:50 Voorreageertijd: 30 minuten Verwerkingstijd: 3-4 uur Verwerkingstemperatuur: 15-? C Verbruik per laag: 100-150mL/m2 Verdunning met DD kwastverdunner (kwast/roller): 0-5% Verdunning met DD spuitverdunner (spuit): ?%

Redox

Pantsercoat

Mengverhouding (gewicht): 100:20 Verwerkingstijd: ca. 5 uur Verwerkingstemperatuur: 5-? C Verbruik per laag: 125mL/m2 Verdunning met Poly-Pox verdunner (kwast/roller): 0-5% Verdunning met Poly-Pox verdunner (spuit): 10-15%

Sikkens antislipverf