Voor de astronavigatie is het niet nodig om hele moeilijke wiskunde te kennen. De berekeningen die uitgevoerd moeten worden bestaan uit optellen en aftrekken. Wel is het belangrijk dat je erg netjes te werk gaat, dit betekent elke berekening direct controleren en er heel alert op zijn dat je in de juiste tabel de juiste gegevens opzoekt.
Voor de astronavigatie is een sextant, een nauwkeurige klok (max. afwijking 1 sec.) en een aantal tabellenboeken nodig. Zelf werk ik met de HO 229 en de Nautical Almanac als tabellenboeken. De tabellenboeken zijn voor het grootste deel ook te downloaden van internet, klik hier voor meer informatie. Iedereen die zich serieus in de astronavigatie wil verdiepen, raad ik het boek Ocean Navigator (ISBN 0-7316-5304-3) aan.
Kort samengevat kun je zeggen: astronavigatie is nuttig, maar je hebt er alleen iets aan
als je het voor vertrek geoefend hebt en echt beheerst.
Astronavigatie is leuk om te doen! Volgende keer gaat er absoluut weer een sextant mee.
Links over astronavigatie vind je op de pagina met links.
Voor het leren van astronavigatie is het boek Ocean Navigator aan te
raden.
Reddingsvlot en grabbag
Buitengaats is een reddingsvlot een must. Maar denken we er wel eens over na wat er
gebeurt als we echt in een reddingsvlot stappen?
Welke uitrusting is er aanwezig in het vlot?
En wat hebben we nodig om te overleven en gered te worden?
Overleven en gered worden dat zijn de belangrijkste zaken in een reddingsvlot. De uitrusting van het vlot en de grabbag moet daar op afgestemd zijn. Natuurlijk bevat het vlot een aantal essentieele dingen om te overleven in een vlot en er uiteindelijk uit gered te worden. Maar de inhoud van een vlot is erg beperkt. Daarom is het verstandig zelf een grabbag samen te stellen met een aanvulling hierop. Een erg groot voordeel van de grabbag is dat je die zelf kunt samenstellen en onbeperkt kunt openmaken/aanvullen.
Gered worden en overleven, daar draait het om. In deze paragraaf enkele woorden over het gered worden, de volgende paragraaf gaat over overleven. Wat je in een grabbag stopt is natuurlijk afhankelijk van het vaargebied. Middelen om de aandacht van potentieele redders te trekken zijn o.a.:
Dan is het verder zaak te overleven tot aan de redding. Om te begrijpen wat nuttig is bij het overleven, is het noodzakelijk om te weten waaraan je dood gaat. De meest waarschijnlijke doodsoorzaken zijn:
Naast de bovenstaande zaken is een mes erg nuttig in de grabbag. Je hebt het nodig
om de lijn tussen het zinkende schip en het vlot door te snijden. Uiteraard zit er ook
een mes in het vlot zelf. Bedenk dat het vlot van binnen volkomen nieuw voor je is, op het
moment dat je er instapt. Ga je op zoek naar het mes in het vlot of pak je liever het
mes uit de "vertrouwde" grabbag. Tot slot een ontzettende open deur, maar toch: pas op dat
je met een mes niet het vlot beschadigd.
Zie ook onze links voor meer informatie
over het overleven op zee; klik hier voor
de handleiding van de Euros grabbag.
Electronica en dergelijke
Welke electronica is wel en niet nuttig? Voor een belangrijk deel is dat een
individueele keuze.
Vrijwel iedereen vaart tegenwoordig met GPS. Een backup systeem hiervoor is erg wenselijk.
Afhankelijk van je vaargebied ligt een log (varen op gis) of een sextant voor de hand. Een
handheld GPS kan er nuttig zijn als je vaste GPS de geest geeft, maar je blijft afhankelijk
van hetzelfde GPS-systeem.
Weerberichten onderweg zijn erg prettig, ondanks dat je op de oceaan geen keuze hebt tussen op het water zitten en in de haven liggen. Afhankelijk van de snelheid van je schip ben je in staat bepaalde weerssystemen te ontwijken of op te zoeken. Mogelijke opties zijn navtex en SSB-ontvanger gekoppeld aan een laptop. Voor deze laaste optie hadden wij gekozen. Echter door problemen met de voeding van de laptop (12 Volt omvormen in 220 Volt) hebben we geen gebruik kunnen maken van de laptop, als we geen walstroom hadden. Dit had dus uitgebreider getest moeten worden. Onze weersinformatie hebben we gekregen via een groot schip wat we opgeroepen hebben op de marifoon, weerkaartjes voor vertrek en de BBC 4 Shipping Forecast (198 kHz). De BBC 4 is 's nachts uitstekend te ontvangen tussen de Azoren en Europa (100 mijl na de Azoren al). Overdag is er geen/nauwelijks ontvangst. De BBC 4 geeft alleen weersinformatie voor districten in de buurt van Engeland en ligging van druksystemen (ook relevante systemen op de oceaan).
Wil je onderweg kunnen communiceren met het thuisfront? Natuurlijk is voor noodgevallen
een EPIRB de aangewezen oplossing (die hadden we mee). Wij vonden het niet nodig om op de
oceaan met het
thuisfront te kunnen praten of emailen, dat zou de tocht alleen maar onnodig duurder hebben
gemaakt.
Een radar is midden op de oceaan van weinig waarde, alleen een solozeiler kan er echt
iets nuttigs mee (voordat hij gaat slapen de scheepvaart om hem heen controleren).
Wij hadden tijdens onze tocht een zonnepaneel aan boord. Bij gebrek aan een motor, moest
er dus een alternatief systeem voor het laden van accu's komen. Normaal gesproken wordt
er op Lichtekooi in de haven via walstroom geladen. Onderweg hebben we weinig stroom
verbruikt (GPS stond continu aan, kompasverlichting alleen 's nachts, toplicht was uit tenzij
we een schip zagen en af en toe werd er een lampje binnen gebruikt), het zonnepaneel was
dan ook prima in staat om onze accu's vol te houden.
Een stuurautomaat hadden we niet aan boord, deze zou te veel stroom verbruiken. Een werkende
windvaan hadden we ook niet. Eén van de deelnemers had er zelf één ontworpen, deze
heeft tot op heden echter nog nooit gefunctioneerd. De onderdelen hiervan waren dus overbodige
ballast en omdat we met z'n drieën waren, stuurde je dus 8 uur per dag.
Neem niet te veel mee op een klein schip
Zeker op een klein schip geldt, neem niet te veel mee. We konden merken dat Lichtekooi anders
op golven stuurde omdat ze veel gewicht aan boord had. Gewichtstechnisch was het zeker een
nadeel dat we de tocht met veel verschillende mensen op de verschillende etappes maakten.
Iedereen heeft zijn eigen zaken die hij
belangrijk vindt om mee te nemen. Wat er dus in resulteert dat je veel dingen meeneemt.
Om enige dingen aan te geven die we niet of minder hadden moeten/kunnen meenemen. We hadden
te veel drinkwater mee (30 liter per persoon per 1000 mijl, is ruim voldoende als je
zuinig doet; ter vergelijking: wij hadden bijna het dubbele). We hadden twee ankers aan boord,
terwijl één beter was geweest. Onze niet werkende windvaan was overbodige ballast.
Zie ook het boek
Vier Zomers Zeilen van Henk Bezemer voor een nuttige inventarislijst.
Enkele losse tips